Goede tijden, slechte tijden. Nederlandse huishoudens merken de pieken en dalen van de economie sterker dan consumenten in de omringende landen.

Pieken en dalen

Het vermogen van Nederlandse consumenten zit voor een groot deel vast in huizen en pensioenen. In vergelijking met onze buurlanden zijn de vrij beschikbare spaartegoeden niet erg hoog, stelt het CPB in een analyse over de Nederlandse consumptie. Gevolg is dat huishoudens de hand stevig op de knip houden als het economisch tegenzit. In betere tijden geven ze juist makkelijker geld uit. Die grote pieken en dalen in de bestedingen zorgen voor minder welvaart.

Schokken opvangen

Met gericht beleid kan de overheid die grote schommelingen volgens het CPB verminderen. Zo zijn de prijzen van huizen gevoelig voor schokken op de woningmarkt. Volgens het CPB zou het goed zijn als mensen in de koopsector meer alternatieven op de huurmarkt zouden hebben. Ook zouden de mogelijkheden voor nieuwbouw groter moeten zijn. Daarnaast wijst het CPB op de mogelijkheid van een flexibele pensioeninleg.

Stenen en pensioen

Het gemiddeld vermogen van huishoudens in Nederland is hoger dan in andere landen, vertelt onderzoeker Jasper Lukkezen van het CPB. Maar bij Nederlandse consumenten zit dat geld vooral in stenen en in pensioen, en minder in spaargeld dan in de ons omringende landen het geval is. “Dat maakt het lastiger om een tijdelijke terugval in inkomen op te vangen.”

Koelkast kapot

Zo’n 40 procent van de Nederlandse huishoudens heeft te weinig financiële buffer, blijkt uit onderzoek van het Nibud. Dat betekent dat consumenten geen of niet voldoende geld achter de hand hebben voor onvoorziene omstandigheden. Als de koelkast of de wasmachine kapot gaat, hebben ze geen potje om deze te vervangen. Een alleenstaande zou volgens het Nibud een buffer van minstens 3.550 euro moeten hebben, onafhankelijk van het huishoudinkomen. Voor een echtpaar is dit 4.000 euro en voor een gezin met 2 kinderen 5.000 euro. Als er een auto aanwezig is, zou de buffer nog groter moeten zijn.

Doelsparen

Het Nibud adviseert om eerst voor de eigen situatie uit te rekenen hoe groot de buffer moet zijn. U heeft dan een streefbedrag waar u naartoe kunt sparen. “U vergroot de kans dat u dat doel bereikt door het in behapbare stappen op te delen”, zegt Annemieke Tromp, manager marketing Sparen van de ING. “Kleine bedragen tellen na verloop van tijd op.” Ze adviseert om inkomsten en uitgaven zorgvuldig op een rij te zetten. “Kijk daarbij ook of u kunt besparen op zaken als abonnementen, telefoonkosten en energie.”

Gemotiveerd blijven

Sparen voor een concreet doel helpt om gemotiveerd te blijven en om de discipline op te brengen om door te gaan, vertelt Tromp. “Doelsparen, noemen we dat. We weten uit ervaring dat het goed is om te weten waarvoor je wilt gaan sparen. Mensen die bewust geld opzij zetten, hebben meer inzicht en overzicht in hun spaardoelen.”

Reservepotje aanvullen

Soms zal het nodig zijn om de buffer aan te spreken. Het Nibud wijst erop dat het wel belangrijk is om dit reservepotje naderhand weer aan te vullen. Ook kan er iets in uw persoonlijke situatie veranderen. Een verhuizing, een scheiding, gezinsuitbreiding, maar ook nieuwe apparaten die u wilt kunnen vervangen, kunnen ervoor zorgen dat het bufferbedrag wijzigt. Bij zulke veranderingen is het goed om weer te berekenen welke buffer u nodig heeft.

Bron: ING